Nederland: grootste toename in Days Sales Outstanding

Betalingsbarometer

  • Nederland
  • Landbouw,
  • Automotive/Transport,
  • Chemie/Farmacie,
  • Bouw,
  • Duurzame consumptiegoederen,
  • Electronica/ICT,
  • Financiële diensten,
  • Voeding,
  • Machines/Engineering,
  • Diensten

29 okt 2018

2018 bracht wijzigingen in de gemiddelde betalingstermijnen die in Nederland aan B2B-klanten worden verleend.

Van de onderzochte West-Europese landen had Nederland het hoogste percentage respondenten dat stelde dat achterstallige B2B-facturen geen significante impact op hun bedrijf hebben gehad in de afgelopen 12 maanden. 43,6% van de respondent­en echter verklaarde dat deze wel een invloed op hun bedrijf hebben gehad en dat ze zich genoodzaakt zagen om actie te on­dernemen. 14,9% van de leveranciers moest aanvullende finan­ciering regelen en 14,4% moest een rekening-courantkrediet aanvragen. Nederland was ook het land met de sterkste toe­name in Days Sales Outstanding (DSO), die steeg van 41 dagen in 2017 tot 46 dagen in 2018.

Beslissing om zaken te doen op krediet
gebaseerd op zakenrelatie

 

 

 

 

 

 

(NL) Atradius Betalingsbarometer NL - percentage verkoop

 

 

 

 

 

 

Het aandeel van de totale B2B-verkoop op krediet is stabiel en ligt op 33,9% (35,0% in 2017). Zoals ook in voorgaande jaren werd waargenomen en net als bij de meeste van hun West-Europese collega’s, zijn Nederlandse respondenten meer geneigd om op krediet te verkopen aan binnenlandse dan aan buitenlandse klanten. In 2018 vond 40,1% van de binnenlandse B2B-verkoop en 27,7% van de buitenlandse B2B-verkoop plaats op krediet.

Nederlandse leveranciers meldden dat zij handelskrediet gebruiken voor binnenlandse B2B-verkoop aan klanten die ze vertrouwen en met wie ze een langdurige handelsrelatie onderhouden. Respondenten uit Nederland zijn bovendien van mening dat het eenvoudiger is om op krediet te verkopen dan om andere methoden te hanteren. Als zij echter over te weinig informatie over het bedrijf of het betalingsgedrag van de klant beschikken en als is gebleken dat de klant financieel zwak is, zouden Nederlandse klanten geen handelskrediet verlenen (20,0% van de respondenten noemde deze beide redenen om geen handelskrediet aan binnenlandse klanten te verlenen). 

 

 

 

Wij verlenen handelskrediet omdat we op deze manier onze betalingen sneller binnenkrijgen.

Respondent van het onderzoek · sector zakelijke dienstverlening

De hoofdredenen om krediet te verlenen aan buitenlandse B2B-klanten zijn identiek aan die op de binnenlandse markt: een langdurige samenwerking die heeft uitgewezen dat de klant kredietwaardig is en het gemak van handelen op krediet. 21,9% van de respondenten verklaarde dat ze niet op krediet zouden verkopen aan financieel zwakke klanten. Een andere veelgenoemde reden om niet op krediet te verkopen aan buitenlandse B2B-klanten is een gebrek aan informatie over het bedrijf of het betalingsgedrag van de klant (genoemd door 28,1% van de respondenten).

Handelskrediet wordt alleen verstrekt aan klanten die hebben aangetoond dat ze betalen.

Respondent van het onderzoek · elektronicasector

Sterke toename in Days Sales
Outstanding

Het percentage Nederlandse respondenten dat late betalingen door B2B-klanten meldde, daalde aanzienlijk, van 92,5% in 2017 tot 87,4% in 2018. Dit ligt in lijn met het regionale gemiddelde. Betalingsachterstanden kwamen vaker voor bij binnenlandse dan bij buitenlandse B2B-klanten.

In 2018 blijft het aandeel achterstallige B2B-facturen in Nederland stabiel op 34,6%. Dit is veel lager dan het gemiddelde voor West-Europa als geheel. Achterstallige B2B-facturen van binnenlandse klanten werden vaker gemeld dan van buitenlandse klanten.

In 2018 bedroeg het in Nederland vastgestelde cijfer voor Days Sales Outstanding (DSO) 46 dagen, een toename van vijf dagen vergeleken met 2017. Dit is de grootste toename van West-Europa en brengt het Nederlandse gemiddelde boven het gemiddelde voor de regio. Kijkend naar de komende 12 maanden, verklaarde 68,3% van de Nederlandse respondenten dat ze geen wijzigingen in de DSO van hun bedrijf verwachten. Verder verwachtte 10,0% van de respondenten een toename, terwijl 21,7% een afname voorzag.

 

 

 

 

 

 

(NL) Atradius Betalingsbarometer Nederland – Achterstallige b2b

 

 

 

 

 

 

Toename in betalingsduur

 

 

 

 

 

(NL) Atradius Betalingsbarometer Nederland –Betalingsduur in NL

 

 

 

 

 

2018 bracht wijzigingen in de gemiddelde betalingstermijnen die in Nederland aan B2B-klanten worden verleend. Nederlandse leveranciers geven hun binnenlandse B2B-klanten gemiddeld 27 dagen om hun facturen te betalen (vijf dagen langer dan in 2017). Tegelijkertijd zijn de gemiddelde betalingstermijnen voor buitenlandse B2B-klanten korter, met een gemiddelde van 24 dagen (26 dagen in 2017).

55,7% van de Nederlandse respondenten verklaarde dat zij geen onderscheid maken tussen betalingstermijnen voor binnen- en buitenlandse B2B-klanten. Van degenen die dat wel doen, verklaarde 26,8% van de leveranciers dat ze hun binnenlandse B2B-klanten minder tijd geven om hun facturen te vereffenen, terwijl 17,5% stelde dat ze hun binnenlandse B2B-klanten meer tijd geven. Nederlandse leveranciers verklaarden dat ze vooral onderscheid maken in betalingstermijnen vanwege intern beleid, het financiële risico verbonden met exporttransacties en wat gebruikelijk is in de branche.

In 2018 meldden Nederlandse leveranciers een toename in betalingsachterstanden bij buitenlandse B2B-klanten. Deze stegen van een gemiddelde van 12 dagen in 2017 tot 17 dagen in het huidige jaar. Wat binnenlandse betalingsachterstanden betreft, deden zich geen veranderingen voor (gemiddeld 15 dagen).

 

 

 

 

 

(NL) Atradius Betalingsbarometer NL - quote 1

 

 

 

 

 

De wijzigingen in betalingstermijnen en de kleine toename van de betalingsachterstanden resulteerden in een toename van vier dagen van de gemiddelde betalingsduur, die momenteel 42 dagen bedraagt. Ondanks deze verslechtering zijn Nederlandse leveranciers, samen met hun collega’s in Duitsland, in staat om hun B2B-facturen het snelst in contanten om te zetten in de regio.

Binnenlandse betalingsachterstanden kwamen in Nederland vooral voor vanwege onvoldoende beschikbaarheid van middelen (genoemd door 34,6% van de respondenten) en de complexiteit van de betalingsprocedure (30,9%). Onvoldoende beschikbaarheid van middelen werd door significant minder respondenten gemeld vergeleken met een jaar geleden, toen 52,8% van de respondenten dit als reden aanvoerde. Het in Nederland vastgestelde percentage ligt ook ver beneden het regionale gemiddelde van 47,3%. Het percentage van de respondenten dat complexiteit van de betalingsprocedure meldde daarentegen steeg aanzienlijk ten opzichte van 2017, toen het 18,9% bedroeg.

 

 

 

 

 

(NL) Atradius Betalingsbarometer NL - quote 2

 

 

 

 

 

De hoofdredenen voor betalingsachterstanden van buitenlandse B2B-klanten in Nederland zijn geschillen over de kwaliteit van de geleverde goederen en diensten (genoemd door 30,2% van de respondenten) en onvoldoende beschikbaarheid van middelen (aangevoerd door 27,0% van de respondenten). Het percentage respondenten dat geschillen over goederen en diensten noemde, is bijna verdubbeld ten opzichte van 2017 (toen het 17,2% bedroeg), terwijl minder respondenten onvoldoende beschikbaarheid van middelen noemden.

43,6% van de Nederlandse leveranciers verklaarde dat hun bedrijf in de afgelopen 12 maanden last heeft gehad van achterstallige B2B-facturen. Dit is het laagste gemiddelde percentage van alle onderzochte West-Europese landen. 14,9% van de betrokkenen verklaarde dat ze hierdoor aanvullende financiering hebben moeten regelen en 14,4% dat ze zich genoodzaakt zagen een rekening-courantkrediet aan te vragen.

Nederlandse leveranciers factureren voornamelijk online

 

 

 

 

 

(NL) Atradius Betalingsbarometer NL - oninbare vorderingen

 

 

 

 

 

De meerderheid van de Nederlandse respondenten (65,5%) verklaarde online facturering te gebruiken bij binnen- en buitenlandse B2B-klanten. Nog eens 9,4% wil de stap naar de online omgeving dit jaar zetten. 23,2% daarentegen verklaarde geen gebruik te maken van e-facturering en slechts 2,0% dat ze ermee zijn gestopt.

49,2% van de Nederlandse respondenten is van mening dat elektronische facturen de betalingen versnelden. Een geringe 10,9% daarentegen ervoer een vertraging in de betalingen en 39,8% heeft geen noemenswaardige invloed op de betalingsduur opgemerkt.

 

 

 

Faillissement minder genoemd als een hoofdreden voor afschrijvingen

In 2018 bleef het gemiddelde percentage van oninbare vorderingen in Nederland stabiel op 0,8% (0,9% in 2017). Vergelijkbaar met wat werd waargenomen in het verleden, werden voornamelijk binnenlandse B2B-vorderingen als oninbaar afgeschreven.

Oninbare B2B-vorderingen komen het meest voor in de sectoren bouw, elektronica, duurzame consumptiegoederen en dienstverlening. B2B-vorderingen werden voornamelijk als oninbaar gemeld omdat de klant failliet ging of zijn activiteiten stopzette. Terwijl dit gesteld werd door 52,8% van de respondenten, was er sprake van een aanzienlijke afname vergeleken met 2017, toen faillissementen de hoofdreden voor oninbare vorderingen waren voor 60,4% van de respondenten. Secundaire redenen waren de hoge kosten om debiteuren op te volgen (genoemd door 25,8%) en het onvermogen om de klant te lokaliseren (24,7% van de respondenten).

Duurzame consumptiegoederen – een problematische sector in 2018

Na een kleine stijging in 2018 bedraagt de gemiddelde verleende betalingstermijn in Nederland nu 26 dagen. B2B-klanten in de sector duurzame consumptiegoederen, bouwmaterialen en landbouw genoten beduidend langere betalingstermijnen dan het landelijk gemiddelde. Meer specifiek gaven Nederlandse leveranciers hun B2B-klanten in de sector duurzame consumptiegoederen 47 dagen om hun facturen te voldoen, terwijl B2B-klanten in de sector bouwmaterialen en landbouw gemiddeld 45 dagen kregen. B2B-klanten in de elektronica- en transportsector daarentegen werden gevraagd om binnen 22 dagen te betalen.

 

 

 

(NL) Atradius Betalingsbarometer NL - quote 3

 

 

 

Ondanks de geboden langere betalingstermijnen betaalden B2B-klanten in duurzame consumptiegoederen gemiddeld 43 dagen na de vervaldag, en zorgden zo voor enkele van de langste vertragingen. De belangrijkste redenen voor betalingsachterstanden in deze sector waren onvoldoende beschikbaarheid van middelen en het gebruik van uitstaande facturen door de koper als een vorm van financiering (beide redenen genoemd door 34,0% van de respondenten). 

Kijkend naar de komende 12 maanden, verklaarde 67,0% van de Nederlandse leveranciers dat ze geen wijzigingen in het betalingsgedrag van hun B2B-klanten in duurzame consumptiegoederen verwachten. Verder verwachtte 14,0% van de respondenten een verslechtering, terwijl 18,0 % een verbetering voorzag.

 

Dynamicline
(NL) Atradius Betalingsbarometer Nederland – voorblad

 

Download hier het rapport

De sleutel tot succesvol internationaal ondernemen is accurate economische informatie over markten en sectoren, met een intelligente blik naar toekomstige trends.

In dit onderdeel van onze publicatiesectie geven de economische experts van Atradius u een essentiële analyse van de wereldeconomie - verleden, heden en toekomst

 

 

 

Disclaimer

De informatie in dit document wordt uitsluitend ter algemene informatie verstrekt en hieraan kunnen geen rechten worden ontleend. De toepasselijke voorwaarden zijn te vinden in de polis of de betreffende product- of dienstverleningsovereenkomst. Niets in dit document mag worden opgevat als strekkende tot enigerlei recht, verplichting, verantwoordelijkheid of advies aan de zijde van Atradius, en derhalve ook niet tot enigerlei verplichting tot het uitvoeren van due diligence op afnemers of ten behoeve van uzelf. Indien Atradius due diligence op een afnemer uitvoert, gebeurt dit ten behoeve van haar eigen acceptatiedoeleinden en niet ten behoeve van de verzekeringsnemer of enige andere persoon. Daarnaast zijn noch Atradius noch enige aan haar verbonden ondernemingen, deelnemingen of dochterondernemingen aansprakelijk voor welke directe, indirecte, speciale, incidentele of gevolgschade dan ook voortvloeiende uit het gebruik van de in dit document opgenomen informatie.