Wereldwijd overzicht
De gematigde activiteit in China en de VS en de hogere inflatie drukken op de groei
Na een stijging van 1,4% vorig jaar verwachten we dat de wereldwijde bouwproductie in 2026 met hetzelfde percentage zal groeien, één procentpunt lager dan onze prognose eerder dit jaar. Onze naar beneden bijgestelde prognose is het gevolg van zwakkere sectorprestaties in zowel China als de VS, die de wereldwijde vooruitzichten voor de bouwsector drukken. De groei in de geavanceerde economieën zal naar verwachting met 0,8% toenemen, terwijl de bouwactiviteit in opkomende markten met 2,8% zal stijgen.
Door het binnenlandse karakter van de bouwmarkt en de relatief regionale toeleveringsketens is de bouwsector beter beschermd tegen Amerikaanse invoerheffingen en onzekerheid in de wereldhandel dan andere sectoren. Het conflict in de Golf en de blokkade van de Straat van Hormuz hebben echter geleid tot een sterke stijging van de energieprijzen, wat opwaartse druk op de inflatie uitoefent. Dit heeft het ondernemersvertrouwen ondermijnd en beïnvloedt de bedrijfsinvesteringen in grote bouwprojecten.
De wereldwijde groei van de woningbouwproductie zal dit jaar naar verwachting vertragen tot 0,8%. Dit komt doordat de rentetarieven in veel economieën hoog blijven en de koopkracht van huishoudens onder druk staat door hogere energieprijzen. Dit alles drukt op de vraag naar woningen. In 2027 wordt een herstel van 3,0% verwacht, voornamelijk dankzij een hogere activiteit in Europa en Noord-Amerika. Het woningtekort in veel ontwikkelde landen zal moeten worden aangepakt.

De bouw van niet-residentiële gebouwen is vertraagd tot 0,8% en heeft eveneens te lijden gehad onder de inflatie en een strakker monetair beleid. Dit ondermijnt het vertrouwen van het bedrijfsleven en remt de bedrijfsinvesteringen in grote bouwprojecten af. In 2027 wordt een herstel van 3,4% verwacht tegen de achtergrond van lagere rentetarieven en een economisch herstel.
De wereldwijde civieltechnische sector zal naar verwachting in 2026 met 2,1% groeien, gevolgd door een stijging van 4,5% in 2027. Terwijl begrotingsconsolidatie in sommige landen de aanleg van infrastructuur beïnvloedt, maken andere landen gebruik van begrotingsuitbreiding om wegen, spoorwegen, bruggen, tunnels en elektriciteitsnetten, evenals andere infrastructuur, aan te leggen. Energiezekerheid en de groene transitie blijven ook voor veel regeringen een speerpunt. Naarmate landen toewerken naar klimaatdoelstellingen, zullen de infrastructuuruitgaven in geavanceerde economieën zich blijven verleggen van vervoersprojecten naar nutsvoorzieningen.
Het tekort aan arbeidskrachten en de prijzen van bouwmaterialen blijven problemen
Het tekort aan geschoolde bouwvakkers en de hoge arbeidskosten zijn structurele problemen waarmee veel geavanceerde economieën te kampen hebben. Dit heeft een grote invloed op de winstmarges en de opleveringstermijnen. Het tekort aan arbeidskrachten en de loonkosten vormen met name een probleem voor bouwbedrijven die met vaste contractprijzen werken en extra kosten niet kunnen doorberekenen. Nadat de prijzen van bouwmaterialen in 2022 en 2023 sterk zijn gestegen, hopen bouwbedrijven dat de neerwaartse druk op de prijzen aanhoudt. Over het algemeen zijn bouwkosten echter taai: ze kunnen snel stijgen, maar dalen slechts langzaam.

VS
Toenemende problemen hebben geleid tot een neerwaartse bijstelling van de sector
We verwachten dat de bouwproductie in de VS in 2026 met slechts 1,1% op jaarbasis zal groeien, na een stijging van 1,8% vorig jaar. Het monetaire beleid zal de activiteit dit jaar naar verwachting niet stimuleren, aangezien de financieringskosten voorlopig hoog blijven. Hoge energiekosten drukken op de sector, en gerichte invoerheffingen op belangrijke bouwgrondstoffen, waaronder staal, aluminium en koper, treffen de sector onevenredig hard. De producentenprijsindex voor bouwmaterialen blijft hoger dan vóór de recente inflatieperiode. De arbeidsmarkt in de bouwsector is krap. De projectkosten stijgen om de hogere lonen op te vangen, wat negatieve gevolgen heeft voor bedrijven met veel contracten tegen een vaste prijs. Het huidige beleid om immigratie aan banden te leggen en meer uitzettingen door te voeren, verergert het tekort aan arbeidskrachten in de sector. Illegale immigranten maken ongeveer 15% uit van het personeelsbestand in de Amerikaanse bouwsector.
We hebben de sector onlangs naar beneden bijgesteld en verwachten de komende maanden meer betalingsachterstanden en faillissementen
Vanwege deze problemen en hun negatieve invloed op de winstmarges hebben we onlangs de beoordeling van de bedrijfsprestaties en het kredietrisico van de sector verlaagd van „Redelijk“ naar „Slecht“. We verwachten de komende maanden meer betalingsachterstanden en faillissementen. De sector kent van oudsher lange betalingstermijnen in vergelijking met andere sectoren. Voor bepaalde bedrijven met een grote behoefte aan werkkapitaal wordt de kasstroomcrisis steeds nijpender, en veel van hen betalen nog steeds hoge rentetarieven op hun leningen. Sommige bedrijven hebben te maken met hoge voorraad- en debiteurenstanden, wat druk uitoefent op de kasstroom. Dit kan leiden tot liquiditeitsproblemen als zij onvoldoende financiering van kredietverstrekkers kunnen verkrijgen.
Bescheiden prestaties van de segmenten woningbouw en utiliteitsbouw
Na een groei van 0,9% in 2025 zal de productie in de woningbouw in 2026 naar verwachting met 1,0% toenemen. De hypotheekrente zal naar verwachting boven de 6% blijven, wat de vraag naar woningen drukt. Een overaanbod aan appartementen in sommige regio’s en grote voorraden onverkochte woningen zetten projectontwikkelaars ertoe aan de bouw uit te stellen. Dat gezegd hebbende, houden bedrijven die actief zijn in de sectoren renovatie/verbouwing en gespecialiseerde bouwmaterialen zich beter staande. Zij zijn veerkrachtiger in de aanhoudend hoge rentestand en vinden het gemakkelijker om aanstaande schuldvervallingen te herfinancieren.
De niet-residentiële bouw zal dit jaar naar verwachting met 0,8% krimpen, na een groei van 0,3% in 2025. Het Amerikaanse handelsbeleid blijft bedrijfsinvesteringen in nieuwe fabrieken of kantoorgebouwen belemmeren en vertragen, waardoor waarschijnlijk alleen de grootste projecten doorgaan. De onzekerheid zorgt voor uitdagingen voor de sector: veel bedrijven melden dat ze moeite hebben om de haalbaarheid van projecten in te schatten, en investeerders wachten vaak af in afwachting van meer duidelijkheid. Hoewel datacenters in toenemende mate een drijvende kracht achter de sector vormen, maken ze momenteel nog steeds een relatief klein deel uit van de totale activiteit. Een sterke pijplijn van datacenterprojecten zou de vooruitzichten voor de utiliteitsbouw op middellange termijn moeten versterken.
De prestaties in de civiele techniek blijven robuust; de productie zal naar verwachting in 2026 met 4,1% groeien, na een stijging van 5,7% in 2025. De subsector profiteert van aanhoudende investeringen in infrastructuur en grote megaprojecten, met name technologische datacenters om de groeiende vraag naar AI te financieren. Nieuwe bouwprojecten in de civiele techniek zouden echter te maken kunnen krijgen met budgetbeperkingen.
We verwachten een herstel van de sectorproductie met 3,1% in 2027 tegen de achtergrond van sterkere economische groei, monetaire versoepeling en dalende inputprijzen. De productie in de woningbouw en de utiliteitsbouw zal naar verwachting met respectievelijk 3,4% en 1,9% toenemen, en de groei in de civiele techniek zal robuust blijven op ongeveer 4%.
China
Bescheiden groei dit jaar, maar een versnelling in 2027
Na een krimp van 0,6% in 2025 verwachten we dat de Chinese bouwproductie zich in 2026 met hetzelfde percentage zal herstellen. Het segment woningbouw zal dit jaar naar verwachting opnieuw krimpen, met 0,6%, als gevolg van een zwak sentiment en aanhoudende financiële problemen in de vastgoedsector. In de eerste helft van 2026 daalden de investeringen in infrastructuur en vastgoed met respectievelijk 2,4% en 18,0% ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar. Beleidsstimulansen en versnelde obligatie-uitgifte blijven cruciaal voor de groeiverwachtingen over het hele jaar.
We verwachten dat de groei van de bouwproductie in 2027 zal versnellen tot 4,4%, met een herstel van 2,1% in de woningbouw. Het 15e vijfjarenplan (2026-2030) legt de nadruk op verdere industriële modernisering en verbetering van de infrastructuur. Hierbij ligt de nadruk met name op projecten op het gebied van vervoer, water en energie. Dit alles zou de vooruitzichten voor de utiliteitsbouw en de civiele techniek de komende jaren ten goede moeten komen. De productie in beide segmenten zal in 2027 naar verwachting met respectievelijk 6,5% en 6,6% toenemen.
Het kredietrisico in de sector blijft ondanks de groeivooruitzichten boven het gemiddelde
Het risico op betalingsachterstanden en insolventie in de bouwsector blijft in China boven het branchegemiddelde liggen, met name voor particuliere aannemers en vastgoedontwikkelaars. Deze laatsten zijn in hoge mate afhankelijk van overheidssteun en zullen toegang moeten hebben tot financieringskanalen zoals commerciële banken om cashflowproblemen te helpen verzachten. Grote staatsbedrijven (SOE’s) en concerns lopen relatief lage insolventierisico’s vanwege hun systeemkritische belang voor het nationale economische beleid en de sterke steun van staatsbanken. Het insolventierisico blijft echter hoog voor regionale staatsbedrijven, die sterk afhankelijk zijn van de begrotingen en de financiële draagkracht van lokale overheden. Beide staan onder toenemende druk vanuit Peking als gevolg van de verscherpte controles op de schuldenlast van lokale overheden.
Japan
Ernstige uitdagingen wegen op de vooruitzichten op lange termijn
Na dalingen in 2024 (-6%) en 2025 (-2,1%) zal de bouwproductie in Japan naar verwachting in 2026 opnieuw krimpen, met 0,8%. Hogere energiekosten en toegenomen economische onzekerheid remmen de investeringen in de bouw af. De niet-residentiële bouw zal dit jaar naar verwachting met 1,7% dalen, doordat de bedrijfswinsten onder druk staan en de investeringsbereidheid is afgenomen. Het begrotingsbeleid blijft accommoderend, maar de vooruitzichten voor de civiele techniek blijven somber, waarbij de productie dit jaar naar verwachting zal afvlakken. In 2027 is er geen substantieel herstel in het verschiet, en we hebben de vooruitzichten voor de bedrijfsprestaties en het kredietrisico van de sector verlaagd van „Redelijk“ naar „Slecht“.
De sector staat voor grote uitdagingen op de lange termijn, zoals een tekort aan arbeidskrachten, stijgende kosten en een vergrijzende bevolking. De bevolking van Japan is al begonnen te krimpen en het percentage 65-plussers zal naar verwachting de rest van dit decennium gestaag stijgen. Aangezien de vraag naar nieuwe woningen meestal afkomstig is van mensen in de werkende leeftijd, zal het groeiende aandeel ouderen in de totale bevolking de vraag naar woningbouw temperen. De zwakke demografische ontwikkeling is ook niet bevorderlijk voor grote uitgaven aan infrastructuur.
Zuidoost-Azië
Overheidsprojecten ondersteunen de groei in de bouwsector
De vraag naar bouwprojecten is stabiel in Zuidoost-Azië, mede dankzij de belangrijke rol die overheidsprojecten spelen bij de verbetering van de infrastructuur en de ontwikkeling van de energiesector. De bouwproductie in de ASEAN-regio zal naar verwachting in 2026 met 4,9% stijgen en volgend jaar met 6,2%. In 2026 worden hoge groeicijfers in de bouwsector verwacht voor Indonesië (4,8%), Maleisië en Singapore (beide 6,3%) en Vietnam (8,5%). Indonesië blijft de grootste bouwmarkt in de regio, aangedreven door bevolkingsgroei, uitbreiding van de infrastructuur en de ontwikkeling van Nusantara (de nieuwe hoofdstad). De komende jaren zullen AI en hyperscale-datacenters de groei van de bouwsector in Maleisië aansturen.
De bouwproductie neemt in Zuidoost-Azië toe, maar de marges staan onder druk en de sector heeft een hoge schuldenlast
Ondanks de groei staan de marges in de bouwsector onder druk door concurrentie en grondstofprijzen. De sector is sterk gefinancierd met vreemd vermogen, wat vaak leidt tot strenge contractuele voorwaarden of eisen van banken om deugdelijke zekerheden te verstrekken bij het aantrekken van financiering. Met name in Thailand en Vietnam neemt het aantal betalingsachterstanden en insolventies toe, vaak veroorzaakt door projectvertragingen en schommelende materiaalprijzen die tot liquiditeitstekorten leiden. Daarentegen is het kredietrisico in de bouwsector van Singapore laag, aangezien het land de hoogst mogelijke kredietrating AAA heeft van Fitch, S&P en Moody’s. Bovendien wordt de sector ondersteund door forse overheidsinvesteringen in infrastructuur en een gestage stroom van openbare projecten.
Eurozone en het Verenigd Koninkrijk
Bescheiden productiegroei bij verhoogd kredietrisico
De productiegroei in de bouwsector in de EU en het VK zal naar verwachting vertragen tot 0,5% in 2026, na een groei van 1,0% in 2025. Hogere energieprijzen remmen de belangstelling voor grote bouwprojecten af en verhogen de kosten van projecten die al in uitvoering zijn of nog in overweging worden genomen. In veel landen van de eurozone zal het begrotingsbeleid worden aangescherpt om de tekorten terug te dringen, wat de komende jaren een rem zal zetten op de aanleg van infrastructuur. In de hele EU en het VK blijven de materiaalkosten hoger dan in het verleden, en is het tekort aan arbeidskrachten een structureel probleem. Beide kwesties hebben een negatieve invloed op de marges van bouwbedrijven. Het kredietrisico voor bouwbedrijven blijft in de meeste Europese markten hoog.
Frankrijk
De gematigde vooruitzichten blijven bestaan tegen de achtergrond van begrotingsdruk en politieke onzekerheid
We verwachten dat de Franse bouwproductie in 2026 opnieuw zal krimpen, met 1,1%, gevolgd door een bescheiden herstel van slechts 0,7% volgend jaar. De sector mist momenteel elke belangrijke groeimotor, en politieke onzekerheid weegt op de vooruitzichten en het ondernemersvertrouwen, met name de begrotingsonderhandelingen en de aanstaande presidentsverkiezingen in april 2027. Stijgende energieprijzen dreigen de toch al hoge bouwkosten nog verder op te drijven.
Ook de activiteit in de subsector woningbouw blijft dit jaar gematigd en zal naar verwachting met 0,7% dalen. De groei van het aantal nieuwe bouwvergunningen verliest sinds maart aan vaart en de vertraging zal naar verwachting toenemen. De terugval in de omzet van projectontwikkelaars zet door, wat de vooruitzichten voor de woningbouwactiviteit verder drukt. De civiele techniek zal dit jaar naar verwachting met 1,5% krimpen, gevolgd door een magere stijging van 0,2% in 2027. Moeilijke begrotingskeuzes werden grotendeels vermeden in de begroting voor 2026, maar de druk om de overheidsuitgaven te beperken blijft aanzienlijk vanwege de hoge begrotingstekorten en de overheidsschuld. Daarom zijn de vooruitzichten op middellange termijn voor overheidsinvesteringen in infrastructuur en andere bouwactiviteiten gematigd.
Vanwege de zwakke prestaties zal het aantal langdurige betalingsachterstanden en insolventies de komende maanden hoog blijven. Dit is deels te wijten aan de structuur van de sector (die veel kleine bedrijven met zwakke financiële posities omvat). De vooruitzichten voor de bedrijfsprestaties en het kredietrisico van de sector blijven somber.
Duitsland
De effecten van een omvangrijk begrotingsstimuleringspakket moeten zich nog manifesteren
De bouwprestaties blijven dit jaar onder druk staan door de bescheiden economische groei in Duitsland en de hoge energieprijzen. Daarnaast worden de sector belast door complexe vergunningsprocedures en bureaucratische hindernissen, samen met gestegen prijzen voor bouwmaterialen en het aanhoudende tekort aan geschoolde arbeidskrachten. Na krimp in 2024 (-3,7%) en 2025 (-3,4%) verwachten we dat de bouwproductie in 2026 opnieuw zal dalen, met 1,6%.
Het omvangrijke Duitse begrotingspakket zou een enorme impuls moeten geven aan de bouwactiviteit, met name omdat een groot deel van de infrastructuur van het land aan vernieuwing toe is na aanzienlijke onderfinanciering in de afgelopen decennia. Maar er blijven zorgen bestaan over de effectiviteit van de uitvoering en het vermogen van de markt om op korte termijn zo’n enorm werkvolume te realiseren. Bestaande orderachterstanden moeten worden weggewerkt voordat nieuwe maatregelen effect kunnen sorteren. Dit geldt met name voor de civiele techniek, waarvoor in 2026 opnieuw een krimp van 1,9% wordt voorspeld. Het tekort aan arbeidskrachten blijft een ernstige belemmering vormen voor het vermogen om de werkpijplijn uit te voeren.
Ook de utiliteitsbouw zou aanzienlijk moeten profiteren van het begrotingspakket, met name projecten op het gebied van defensie en het leger. Maar op dit moment zijn er grote neerwaartse risico's, met name de schok in de energieprijzen en een daaruit voortvloeiende klap voor het ondernemersvertrouwen. De productie in deze subsector zal dit jaar naar verwachting met 1,6% dalen. De woningbouw zal naar verwachting met hetzelfde percentage krimpen, aangezien de lagere koopkracht van huishoudens en de inflatie de prestaties onder druk zetten.
Het kredietrisico blijft voorlopig hoog, met name voor kleine bouwbedrijven. Veel van deze bedrijven, die krap bij kas zitten, hebben hun betalingstermijnen verlengd. Het betalingsgedrag blijft gespannen en het aantal faillissementen in de bouwsector is nog steeds hoog.
Dat gezegd hebbende, verwachten we dat de financiële ruimte die door het speciale fonds van de regering is gecreëerd, geleidelijk effect zal sorteren. Daarom verwachten we dat de Duitse bouwproductie in 2027 en 2028 met 5% per jaar zal herstellen, met robuuste groeicijfers in alle subsectoren.
Italië
Nog steeds hoog kredietrisico
Na een groei van 3,0% in 2025 zal de groei van de bouwproductie naar verwachting afkoelen tot 1,5% in 2026 en 0,5% in 2027. Een belangrijke reden hiervoor is het aflopen van de Next Generation EU-financiering aan het einde van dit jaar, waarvan vooral de civiele techniek en de utiliteitsbouw het meest hebben geprofiteerd. Dat gezegd hebbende, zou een omvangrijke infrastructuurpijplijn in verband met transport-, energie- en digitale projecten moeten helpen om de algehele sectoractiviteit op peil te houden en een scherpere terugval te voorkomen.
De producentenprijzen zijn sinds 2022 op een hoog niveau gebleven en de energieprijzen zijn sterk gestegen, wat de bouwactiviteit beïnvloedt als gevolg van hogere projectkosten. Lagere overheidsfinanciering als gevolg van begrotingsconsolidatie zal de komende drie jaar van invloed zijn op de productie in de civiele techniek, waarbij jaarlijkse krimpen van ongeveer 0,5% worden verwacht. De aanhoudende onzekerheid in het bedrijfsleven remt de investeringen in de utiliteitsbouw af, terwijl de groei in de woningbouw dit jaar zal vertragen tot 1,6% en in 2027 tot 1,2%.
Het kredietrisico in de sector blijft hoog als gevolg van schommelende vraag, liquiditeitstekorten, terughoudendheid bij banken om leningen te verstrekken en langdurige betalingsachterstanden. MKB-bedrijven in het woningbouwsegment hebben te maken met hevige concurrentie, druk op de marges en liquiditeitsproblemen. De situatie is iets beter voor grotere bouwbedrijven die actief zijn in de subsector civiele techniek. In dit segment leidt de blootstelling aan betalingsachterstanden door overheidsopdrachtgevers (met name bij wegen- en spoorwegbouw) echter tot hoge DSO’s, die doorgaans worden doorberekend aan leveranciers. Tussen 2023 en 2025 vertoont het insolventiecijfer onder Italiaanse bouwbedrijven een zorgwekkende stijgende trend. Wij verwachten dat het insolventierisico hoog zal blijven als gevolg van structurele zwakheden en aanhoudende financiële druk.
Nederland
Verbeterende vooruitzichten, maar structurele uitdagingen blijven bestaan
De groei van de bouwproductie in Nederland zal dit jaar naar verwachting 0,5% bedragen, gevolgd door een stijging van 1,5% in 2027. Prognoses voor de woningbouwmarkt wijzen op een herstel van de woningproductie, waarbij het jaarlijkse aantal opleveringen mogelijk stijgt van ongeveer 68.000 woningen in 2025 tot tussen de 74.000 en 84.000 in 2027. De groei wordt ondersteund door een sterkere projectpijplijn en een toename van het aantal afgegeven bouwvergunningen, hoewel tekorten aan arbeidskrachten, beperkingen bij de vergunningverlening en overbelasting van het elektriciteitsnet het tempo van de groei blijven beperken.
De Nederlandse bouwproductie blijft groeien, maar tekorten aan arbeidskrachten, beperkingen bij het verkrijgen van vergunningen, overbelasting van het elektriciteitsnet en hoge materiaalkosten remmen het tempo van de groei af.
De utiliteitsbouw blijft een grotere uitdaging vormen. Nieuwe kantoor-, winkel- en commerciële projecten worden geconfronteerd met hogere financieringskosten, beperkingen in de netcapaciteit en een terughoudend investeringsklimaat. Hoewel de nieuwbouwactiviteit in 2026 naar verwachting zwak zal blijven, blijven renovatie, energie-efficiëntieverbeteringen en technische gebouwinstallaties kansen bieden. Vanaf 2027 wordt een geleidelijk herstel verwacht. De vraag naar civiele techniek wordt aangedreven door investeringen in energie-infrastructuur, elektriciteitsnetwerken, waterbeheer, klimaatadaptatie en de vervanging van verouderde activa. De groei in dit segment zal naar verwachting tot en met 2027 tussen de 2% en 3% per jaar liggen.
In alle subsectoren blijven structurele uitdagingen bestaan. Deze omvatten een tekort aan arbeidskrachten, vergunningsbeperkingen in verband met stikstof, overbelasting van het elektriciteitsnet, langdurige planningsprocedures en stijgende materiaalkosten, die allemaal een rem zetten op een hogere productiegroei. Daardoor zijn de vooruitzichten positief maar gematigd: de vraag neemt toe, maar het vermogen van de sector om kansen om te zetten in voltooide projecten blijft de belangrijkste bepalende factor voor de groei in de komende twee jaar.
Verenigd Koninkrijk
Krimp van de productie verwacht dit jaar
We verwachten dat de bouwproductie in het Verenigd Koninkrijk dit jaar met 1,1% zal krimpen tegen de achtergrond van zwakke bbp-groei, aanhoudende onzekerheid over het economisch beleid van de regering en aanhoudend hoge rentetarieven.
De vorige regering kondigde plannen aan om tegen 2030 1,5 miljoen nieuwe woningen te bouwen, maar er bestaan ernstige twijfels of deze doelstelling onder de huidige marktomstandigheden haalbaar is. We verwachten dat de woningbouw dit jaar met 0,5% zal krimpen, alvorens in 2027 met 3,1% te stijgen. Aanhoudende loonstijgingen en hoge energieprijzen oefenen opwaartse druk uit op de kosten van bedrijven. Zwakke winstgevendheid en toegenomen onzekerheid belemmeren de investeringen van bedrijven in de bouw. We verwachten dat de productie in de utiliteitsbouw in 2026 met 1,6% zal dalen, gevolgd door een bescheiden herstel van 0,4% volgend jaar. Financiële problemen zullen de ruimte voor civiele techniek beperken; deze sector zal naar verwachting dit jaar met 1,3% krimpen. Hoe dan ook zal een aanzienlijk herstel van de bouwprestaties in de toekomst traag verlopen.
De stijgingen van de sociale premies en het nationale leefbaar loon hebben ook gevolgen voor het vermogen van bouwbedrijven om geschoolde arbeidskrachten aan te werven (het tekort aan arbeidskrachten is nu al een groot probleem). In het Verenigd Koninkrijk lopen veel nieuwe bouwprojecten nog steeds vertraging op als gevolg van oude contracten, problemen in de toeleveringsketen, prijsinflatie en vertragingen bij de goedkeuring van bouwvergunningen. Het aantal faillissementen in de bouwsector bereikte in 2024 een hoogtepunt, op een niveau dat alleen vergelijkbaar is met de financiële crisis van 2008. In de komende maanden verwachten we enige verdere verbetering, maar de kredietrisicosituatie van de sector blijft “slecht”, met een nog steeds hoog aantal betalingsachterstanden en bedrijfsfaillissementen.
Wil je meer weten?
Download het volledige rapport in het gedeelte ‘Gerelateerde documenten’ hieronder voor een gedetailleerde analyse van de uitdagingen, prestaties en kredietrisico’s in de belangrijkste elektronica- en ICT-markten wereldwijd.
Neem contact met ons op om te ontdekken hoe je jouw eigen kredietrisicostrategie kunt versterken en hoe wij jou kunnen helpen om voorop te blijven lopen.
- Wereldwijd: De groei van de bouwproductie wordt voor 2026 geraamd op 1,4%, geremd door een zwakkere activiteit in de VS en China, maar voor 2027 wordt een sterker herstel verwacht
- VS: De productiegroei is voor 2026 naar beneden bijgesteld naar 1,1%, omdat hoge financieringskosten, invoerheffingen, energieprijzen en een tekort aan arbeidskrachten op de sector druk uitoefenen
- Azië: De resultaten zijn gemengd: China keert terug naar groei, Zuidoost-Azië blijft de sterkste regio en Japan krimpt verder
- Europa: De groei in de bouwsector in de EU en het VK zal naar verwachting vertragen tot 0,5% in 2026, waarbij hoge energiekosten, een tekort aan arbeidskrachten en een verhoogd kredietrisico de prestaties onder druk zetten